Vraag een adviesgesprek aan
Menu
  1. Home
  2. Beroepen
  3. Justitiële keten

Sector justitiële keten

Agressietraining in de justitiële keten

In de justitiële keten werken medewerkers met mensen die niet zelf voor dit contact hebben gekozen. Ze worden uitgescholden, bedreigd, gevolgd en soms aangevallen. Deze pagina laat zien hoe de agressietraining voor deze sector daarop wordt ingericht.

Vraag een adviesgesprek aan →

Binnen 2 werkdagen na het adviesgesprek een schriftelijk voorstel.

Naar de beroepen in deze sector

In het kort

Agressietraining in de justitiële keten bereidt medewerkers voor op agressie van mensen voor wie hun besluit of toezicht gevolgen heeft. Bureau Weerbaar en Veilig stemt de oefensituaties af op je veiligheidsbeleid, je protocol voor incidenten en de afspraken voor bezoeken buiten de deur. De trainingsdag is op je eigen locatie, met een trainer en een trainingsacteur, en daarna volgt altijd een evaluatie met vervolgadvies.

Trainingsdag
9.00 tot 16.00 uur, op je eigen locatie
Met
Een trainer en een trainingsacteur, allebei in de prijs
Groep
In overleg, advies maximaal 10
Na afloop
Bewijs van deelname, daarna evaluatie met vervolgadvies
Fysieke technieken
Op aanvraag; standaard bij evenementen- en objectbeveiligers, horecaportiers, handhavers en boa's en in justitiële jeugdinrichtingen

Justitiële keten

Agressietraining per beroep in de justitiële keten

Elk beroep heeft een eigen pagina met de vier onderdelen: basis, gevorderd, expert en leidinggevenden. Fysieke technieken horen standaard bij het programma voor medewerkers in justitiële jeugdinrichtingen. Dat gebeurt binnen de bevoegdheden en het protocol. Bij de andere beroepen kan het op aanvraag.

Waarom agressie in de justitiële keten anders is

In de meeste sectoren kan een klant weglopen of ergens anders heen. In de justitiële keten kan dat niet. Een debiteur krijgt het stuk toch, een cliënt moet zich aan zijn voorwaarden houden en een jongere kan de inrichting niet uit.

Die afhankelijkheid zit in elk contact. Wie boos wordt, kan op de situatie reageren en niet op de medewerker zelf.

Tegelijk is er een kleinere groep die dreiging bewust inzet. Iemand wil een besluit keren, een terugmelding voorkomen of status winnen bij de groep. Daar werkt uitleggen averechts. Dan gaat het om een korte grens en om een besluit dat blijft staan.

Wat deze beroepen delen

Deurwaarders, reclasseringswerkers en groepsleiders hebben allemaal macht over iets wat voor de ander zwaar weegt. Ze moeten rustig blijven, het besluit laten staan en toch het contact bewaren.

Ook kunnen ze dezelfde mensen opnieuw tegenkomen. Een groepsleider ziet de jongere de volgende dienst weer. Een begrenzing moet dus zo zijn dat er daarna nog verder kan worden gewerkt.

Waarin hun werk verschilt

De deurwaarder staat aan de deur bij iemand thuis, misschien met slecht nieuws, en zijn kantoormedewerkers krijgen de boosheid aan de telefoon. De reclasseringswerker begeleidt en houdt toezicht tegelijk, in gesprekken en bij huisbezoeken. De groepsleider werkt op een leefgroep, met jongeren die elkaar ook opjutten.

Daardoor verschillen de oefensituaties. Bij deurwaarders gaat het om een bezoek op tijd afbreken. Bij de reclassering om dreiging na een terugmelding. In een jeugdinrichting om gezag houden zonder de spanning op de groep op te voeren.

Zo richten we de agressietraining in voor de justitiële keten

Het begint met een adviesgesprek. Daarin bespreekt de trainer je veiligheidsbeleid, je protocol en de afspraken voor werk buiten de deur. Zo sluiten de oefensituaties aan op wat medewerkers echt tegenkomen.

Op de trainingsdag oefenen medewerkers in oefengesprekken met de trainingsacteur, op je eigen locatie. Wie een oefening wil stoppen, stopt. De trainer bewaakt de veiligheid van iedereen in de ruimte. Iedere medewerker krijgt een bewijs van deelname.

Per beroep zijn er vier onderdelen: basis, gevorderd, expert en leidinggevenden. Expert is voor medewerkers met een extra rol, zoals mentor of opvang van collega's. De groepsgrootte bepalen we in overleg; wij adviseren maximaal 10.

Wat de organisatie in de keten zelf regelt

Een training staat niet op zichzelf. De organisatie legt zelf vast hoe medewerkers veilig werken en wat er na een incident gebeurt.

  • Een protocol voor incidenten en voor bezoeken buiten de deur.
  • Een meldroute bij dreiging, ook als die buiten werktijd komt.
  • Afspraken over wie de medewerker na een incident opvangt. Leidinggevenden en collega's met die taak oefenen in de training wat ze dan doen.
  • Afspraken over wanneer een bezoek of gesprek wordt afgebroken.
  • De risico's in de RI&E en de maatregelen in het plan van aanpak.

Veelgestelde vragen

Kunnen kantoormedewerkers van een deurwaarderskantoor ook meedoen?

Ja, kantoormedewerkers kunnen meedoen, want zij krijgen veel boosheid aan de telefoon. In het adviesgesprek kijkt de trainer welke oefensituaties voor hen passen. Soms oefenen zij in een eigen groep.

Hoe gaat de training om met dreiging die buiten het werk doorgaat?

De training leert medewerkers kleine signalen van dreiging te herkennen en te melden. Denk aan iemand die volgt naar de auto of een opmerking over de woonplaats maakt. Wat er daarna gebeurt, volgt je meldroute en je veiligheidsbeleid.

Past de training bij het protocol van een jeugdinrichting?

Ja, het protocol van de inrichting is het uitgangspunt. De trainer bespreekt het in het adviesgesprek en stemt de oefensituaties erop af. De training voegt geen eigen regels toe.

Wat doet het onderdeel leidinggevenden in deze sector?

Het onderdeel leidinggevenden gaat over de rol na een incident en over de afspraken in het team. Leidinggevenden oefenen het gesprek met een medewerker die bedreigd is. Ook bespreken ze hoe meldingen worden opgevolgd.

Een programma voor je eigen medewerkers?

In een adviesgesprek vertel je wat er in het werk gebeurt. Daarna kiezen we samen het onderdeel en de groepsgrootte, stellen we de oefensituaties samen en plannen we de trainingsdag en de evaluatie.

Binnen 2 werkdagen na het adviesgesprek krijg je een schriftelijk voorstel. Daarin staan de opbouw van het programma, het aantal groepen en dagen, en de prijs met wat er altijd bij zit. De reiskosten staan er apart in.