Zorg · basis, gevorderd, expert en leidinggevenden
Agressietraining voor persoonlijk begeleiders
Persoonlijk begeleiders werken één op één met cliënten die ze goed kennen, en die cliënten kennen hen ook. Dat maakt de relatie sterk, maar ook kwetsbaar: een cliënt weet precies waar de begeleider toegeeft. Begeleiders oefenen bij Bureau Weerbaar en Veilig om een grens te stellen zonder de begeleidingsrelatie te beschadigen, ook als er geen collega in de buurt is.
Persoonlijk begeleiders kennen hun cliënt goed, en de cliënt kent hen: hij weet precies waar ze toegeven. De agressietraining voor persoonlijk begeleiders van Bureau Weerbaar en Veilig helpt om dan een grens te houden zonder de relatie te verliezen. In een adviesgesprek bespreken we je agressieprotocol en de signaleringsplannen, en daarop sluiten de oefeningen van de trainingsdag op je eigen locatie aan. Een trainer en een trainingsacteur geven die dag, en na afloop is er altijd een evaluatie met vervolgadvies en een bewijs van deelname voor elke begeleider. Je kiest uit basis, gevorderd, expert en leidinggevenden.
Vraag een adviesgesprek aan →Binnen 2 werkdagen na het adviesgesprek een schriftelijk voorstel.
PraktijkbeeldEigen fotomateriaal volgt
- Programma
- Adviesgesprek, afstemming, trainingsdag, evaluatie en vervolgadvies
- Voor wie
- Persoonlijk begeleiders in de gehandicaptenzorg, en hun leidinggevenden.
- Trainingsdag
- 9.00 tot 16.00 uur, op je eigen locatie
- Met
- Een trainer en een trainingsacteur, allebei in de prijs
- Groep
- In overleg, advies maximaal 10 begeleiders
- Na afloop
- Bewijs van deelname, daarna evaluatie met vervolgadvies
Vrijblijvend kennismaken? Begin met een adviesgesprek. Vraag een adviesgesprek aan.
PraktijkbeeldEigen fotomateriaal volgt
De praktijk
Agressie in de één-op-één begeleiding
Het kan zijn dat een persoonlijk begeleider in zijn eentje met een cliënt werkt: op de kamer, in de woning of op een uitstapje. Boosheid ontstaat bij een afspraak die de begeleider nakomt, een afgezegd bezoek van thuis of een kleine uitzondering die niet doorgaat. Dan wordt er geschreeuwd, gedreigd of met een stoel gegooid. Die cliënt kan gefrustreerd zijn en op dat moment niet anders kunnen. Ruimte geven, het gedrag benoemen en de afspraak overeind houden kan de spanning er dan uit halen.
Anders ligt het bij een cliënt die het gedrag bewust inzet om iets gedaan te krijgen. Hij rekt steeds iets op, zegt dat hij alleen nog met deze ene begeleider wil praten of stuurt op zaterdagavond berichten. Daar werkt meegeven averechts. Dan gaat het om een duidelijke grens, en om de casus terugbrengen in het team. Ook familie hoort erbij: een broer of moeder die belt en de stem verheft, vraagt een ander gesprek dan de cliënt zelf.
Vergelijkbare situaties komen terug in de agressietraining voor woonbegeleiders in de gehandicaptenzorg en de agressietraining voor gedragsdeskundigen en orthopedagogen. Alle beroepen staan in het overzicht van agressietraining per beroep. Hoe een agressietraining in het algemeen werkt, lees je bij agressietraining: zo werkt het.
Uit de oefensituaties
- OefensituatieEen cliënt gooit met een stoel, omdat de begeleider hem houdt aan een afspraak die vorige week ook al gold.
- OefensituatieEen cliënt reageert zijn boosheid over een afgezegd bezoek van thuis af op de begeleider.
- OefensituatieEen cliënt vraagt om een kleine uitzondering en wordt boos zodra de begeleider nee zegt.
- OefensituatieBij de bushalte weigert een cliënt mee terug te gaan, en er is geen collega in de buurt.
Van adviesgesprek tot evaluatie
Zo verloopt de agressietraining voor persoonlijk begeleiders
Van het eerste gesprek tot de evaluatie na de trainingsdag. Hoe zo'n dag in zijn werk gaat, lees je bij zo werkt een trainingsdag.
Adviesgesprek
Je vertelt bij welke cliënten en op welke momenten het misgaat, ook buitenshuis en buiten werktijd. Op basis daarvan bepalen we welk onderdeel past en hoe groot de groep wordt. De oefensituaties voor de oefengesprekken met de trainingsacteur bouwen we rond je eigen cliënten.
Afstemming
Vooraf neemt de trainer je agressieprotocol door, de afspraken over alleen werken en uitstapjes en de meldroute. Waar een cliënt een signaleringsplan heeft, sluiten de oefeningen daarop aan.
Trainingsdag
Een dag op je eigen locatie, met een trainer en een trainingsacteur. Elke begeleider ontvangt na afloop een bewijs van deelname.
Evaluatie en vervolgadvies
Na de trainingsdag volgt altijd een evaluatie. We lopen samen na wat er in de begeleiding anders is gaan lopen, borgen de afspraken en geven vervolgadvies. Het advies kan gaan over het protocol, contact buiten werktijd of een volgend onderdeel.
Vier onderdelen
Van basistraining tot leidinggevenden
Je kiest wat past bij je begeleiders en het werk. In het adviesgesprek bepalen we samen waar je zorgteam begint: bij de basistraining, of eerst bij het programma voor leidinggevenden.
Voor iedere begeleider: een grens stellen zonder de begeleidingsrelatie te beschadigen.
Naar dit onderdeel ↓Gevorderde trainingVoor langdurige en zware relaties: grensvervaging, manipulatie en isolatie van het team.
Naar dit onderdeel ↓ExpertniveauVoor begeleiders met een extra rol, zoals mentor of opvang: collega's opvangen en begeleiden na een incident.
Naar dit onderdeel ↓Programma voor leidinggevendenVoor teamleiders, locatiemanagers en gedragscoördinatoren: afspraken voor alleen werken, melden en opvang.
Naar dit onderdeel ↓Onderdeel 1 · Basis
Basistraining: begrenzen in een vertrouwde relatie
Voor iedere begeleider. Naast deze oefensituaties komt aan bod wat je begeleiders zelf in de begeleiding meemaken.
Voor wie
Iedere begeleider. Met dit onderdeel begin je.
Oefensituaties in de basistraining
- Een cliënt gooit met een stoel, omdat de begeleider hem houdt aan een afspraak die vorige week ook al gold.
- Een cliënt reageert zijn boosheid over een afgezegd bezoek van thuis af op de begeleider.
- Een cliënt vraagt om een kleine uitzondering en wordt boos zodra de begeleider nee zegt.
- Bij de bushalte weigert een cliënt mee terug te gaan, en er is geen collega in de buurt.
- Een broer belt over de zorg en verheft zijn stem zodra de begeleider iets uitlegt.
Na de basisdag kunnen begeleiders
- Zien wanneer een cliënt niet anders kan, en wanneer hij iets wil bereiken.
- Rustig blijven als een bekende cliënt uithaalt.
- Een afspraak overeind houden en het gedrag benoemen, niet de persoon.
- Veilig handelen op een uitstapje waar geen collega meekijkt.
- Een bericht buiten werktijd terugleggen bij de afspraken van het team.
- Een incident opschrijven en het met het team nabespreken.
Zo oefent een begeleider met de trainingsacteur
In de oefengesprekken is de trainingsacteur een cliënt die de begeleider al jaren kent, of een familielid aan de telefoon. De begeleider oefent een grens die de relatie heel laat. Iedereen kan een oefening op elk moment stoppen. De trainer bewaakt dat de oefening voor iedereen veilig blijft. Wie de trainers en trainingsacteurs zijn, zie je bij het team.
Zo werkt een trainingsdag →Onderdeel 2 · Gevorderd
Gevorderde agressietraining voor persoonlijk begeleiders
Sommige agressie ontstaat langzaam, in een relatie die goed begon. Een cliënt vraagt steeds iets meer, en de begeleider geeft mee omdat het contact waardevol is. Een half jaar later ligt de grens ergens anders, en de begeleider ziet dat zelf als laatste. Op dit niveau oefenen begeleiders om dat patroon te zien en de relatie terug te brengen naar wat het team heeft afgesproken.
Waar het om draait: een cliënt die een begeleider losweekt van het team, wordt een vraag voor het hele team. Wie de casus bij zichzelf houdt, staat er alleen voor.
Voor wie
Persoonlijk begeleiders die werken met cliënten met complexe gedragsproblematiek, of in relaties van jaren.
Instap: de basistraining gedaan, of in overleg, als iemand al ervaring heeft met deze situaties.
Oefensituaties in de gevorderde training
- Een cliënt vraagt elke week iets meer, en de begeleider geeft mee omdat het contact goed is.
- De begeleider staat iets toe wat het team niet wilde toestaan, en merkt het zelf niet.
- Een cliënt zegt dat hij alleen nog met deze begeleider wil praten en niet met de collega's.
- Een cliënt haalt uit op een avond dat er verder niemand in huis is.
- Een begeleider brengt een casus in waar hij zelf nog middenin zit.
Na deze dag kunnen begeleiders
- Zien hoe een cliënt de vertrouwensband gebruikt om steeds iets meer te vragen.
- Merken dat de eigen grens is verschoven, en dat met een collega bespreken.
- Een ontspoorde relatie terugbrengen naar de afspraken van het team.
- Handelen bij ernstige agressie als er niemand anders in huis is.
- Doorbreken dat een cliënt de begeleider losweekt van het team.
- Een collega het gesprek laten overnemen, en samen opschalen als het niet stopt.
Onderdeel 3 · Expert
Agressietraining op expertniveau voor persoonlijk begeleiders
Na een incident gaat een begeleider misschien eerst naar een collega, niet naar de teamleider. Hoe die collega reageert, bepaalt deels of de begeleider meldt, de volgende dienst weer naar dezelfde cliënt gaat of thuisblijft. Het expertniveau is voor begeleiders die deze taak hebben of krijgen: mentoren, werkbegeleiders van nieuwe collega's en collega's die anderen opvangen na een incident.
Waar het om draait: de eerste opvang na een incident met een cliënt is rustig en oordeelt niet. De begeleider kent ook zijn grens: wanneer moet de leidinggevende of de bedrijfsarts erbij?
Voor wie
Ervaren persoonlijk begeleiders die mentor of werkbegeleider zijn, of collega's opvangen na een incident.
Instap: de basis- en gevorderde training gedaan, of in overleg, als iemand al ervaring heeft met deze situaties.
Oefensituaties op expertniveau
- Een collega is door een cliënt geslagen en wil zo snel mogelijk weer aan het werk.
- Een nieuwe begeleider vraagt wat hij anders had moeten doen toen een cliënt uithaalde.
- Een collega wil een scheldpartij niet melden, omdat het bij deze cliënt erbij hoort.
- Een begeleider ziet dat een collega steeds meer toegeeft bij één cliënt, en wil dat bespreken.
- Een incident met een cliënt komt in het teamoverleg, en het gesprek mag geen zoektocht naar een schuldige worden.
Na deze dag kunnen begeleiders
- Een collega opvangen die net door een cliënt is uitgescholden of bedreigd, rustig en zonder oordeel.
- Zien wanneer een begeleider na een incident meer nodig heeft dan een gesprek, en dan de leidinggevende inschakelen.
- Een nieuwe begeleider inwerken met de basistraining als uitgangspunt.
- Een collega aanspreken op grensvervaging, zonder hem onderuit te halen.
- Begeleiders aanmoedigen om ook een dreigende opmerking van een cliënt te melden.
Onderdeel 4 · Leidinggevenden
Agressietraining voor leidinggevenden in de gehandicaptenzorg
Grensvervaging in een begeleidingsrelatie ziet de begeleider zelf als laatste. Van een afstand zie je het wel. Wat je stuurt, is wat er dan gebeurt: wat er geldt bij alleen werken, wie de begeleider opvangt en of een voorval op een uitstapje ook gemeld wordt.
Voor wie
Teamleiders, locatiemanagers en gedragscoördinatoren die persoonlijk begeleiders aansturen.
Wat er rond de één-op-één begeleiding geregeld moet zijn
Afspraken schuiven elke keer een stukje op, een begeleider brengt zijn casus steeds minder in het teamoverleg en een cliënt wil alleen nog met hem werken. Juist die isolatie is het duidelijkste signaal. Dat bespreek je zonder de begeleider onderuit te halen.
Wat er in een één-op-één situatie gebeurt, komt alleen boven water als melden geen gedoe oplevert en er opvang op volgt. Daarom leg je vast wat er geldt bij uitstapjes, bij diensten zonder collega en bij contact buiten werktijd. Dan hoeft een begeleider niet ter plekke zelf te bedenken wat mag.
Zo oefenen leidinggevenden
In de oefengesprekken is de trainingsacteur een begeleider die net een incident heeft meegemaakt, of een begeleider die niet ziet dat zijn grens is verschoven.
Oefensituaties voor leidinggevenden
- Een begeleider brengt zijn casus al maanden niet meer in het teamoverleg.
- Een cliënt wil alleen nog met die ene begeleider werken en weigert de rest.
- Niemand heeft vastgelegd wat er geldt als een begeleider alleen met een cliënt op pad gaat.
- Een begeleider beantwoordt in het weekend berichten van een cliënt en vraagt of dat mag.
- Een voorval tijdens een uitstapje komt pas weken later bij de koffie ter sprake.
Na deze dag kunnen leidinggevenden
- Zien dat een relatie verschuift, en dat benoemen zonder de begeleider onderuit te halen.
- Afspraken maken over werken zonder collega in de buurt en over uitstapjes.
- Vastleggen wat er geldt voor contact buiten werktijd en via sociale media.
- Na een voorval gaan zitten met de begeleider die er alleen bij was.
- Zorgen dat ook een voorval tijdens een uitstapje wordt opgeschreven.
- Uit de meldingen halen bij welke cliënt de afspraken telkens opschuiven.
Adviesgesprek
Passend voor je begeleiders?
In een vrijblijvend adviesgesprek kiezen we samen het onderdeel dat past bij het werk in de zorg. Je krijgt daarna een schriftelijk voorstel met de opbouw, het aantal dagen en de prijs. Fysieke technieken oefenen we op aanvraag; dat spreek je af in het adviesgesprek. Wat bepaalt de prijs?
Vraag een adviesgesprek aanHet team achter de training
Een trainer en een trainingsacteur uit ons team
Ons team telt 12 mensen, onder wie trainers en trainingsacteurs. Op de trainingsdag werk je met een trainer en een trainingsacteur uit dit team.
Bekijk wie we zijn →Voor de werkgever
Wat je als werkgever regelt, en wat het oplevert
Een training haalt agressie niet weg. Wel gaan begeleiders zekerder aan het werk: ze weten hoe ze begrenzen zonder de relatie op te geven, en wanneer ze een collega of de leidinggevende erbij halen. Ze brengen verschuivende grenzen eerder in het team, en ze melden zo dat er iets mee kan.
Agressie en geweld vallen in de Arbowet onder psychosociale arbeidsbelasting (artikel 1). De werkgever moet beleid voeren om die te voorkomen of te beperken (artikel 3 lid 2). Het Arbobesluit werkt dat uit in artikel 2.15: als werkgever beoordeel je het risico in de RI&E en leg je maatregelen vast in het plan van aanpak. Ook geef je medewerkers voorlichting en onderricht. Een training is één manier om die voorlichting en dat onderricht in te vullen.
Wat is er al afgesproken? We bekijken het agressieprotocol, de afspraken over alleen werken en uitstapjes, contact buiten werktijd en de opvang van collega's na een incident. Meer over de sector lees je bij agressietraining in de zorg. Wat de wet van je vraagt, staat op de pagina agressie en de werkgever.
Vragen over agressietraining voor persoonlijk begeleiders
Vragen van de werkgever
Waar vindt de trainingsdag plaats?
Op je eigen locatie. Welke ruimte dat wordt, spreken we af in het adviesgesprek. Begeleiders hoeven dus niet naar een cursuscentrum.
Is een agressietraining verplicht?
Nee, de Arbowet schrijft geen training voor. Wel vraagt de Arbowet je als werkgever om agressie als risico aan te pakken. Wat je dan regelt en waar een training past, staat hierboven bij de werkgever.
Wat kost het programma?
De prijs hangt af van het onderdeel, de groepsgrootte, het aantal dagen, de voorbereiding en de reistijd.
Binnen 2 werkdagen na het adviesgesprek krijg je een schriftelijk voorstel. Daarin staan de opbouw van het programma, het aantal groepen en dagen, en de prijs met wat er altijd bij zit. De reiskosten staan er apart in. Meer hierover lees je op de pagina over de kosten.
Hoe blijven de afspraken na de trainingsdag hangen?
Na iedere trainingsdag volgt een evaluatie. Daarin kijken we wat er in de praktijk is veranderd, borgen we de afspraken en geven we vervolgadvies. De afspraken zelf liggen bij je zorgorganisatie: in het werkoverleg en bij de leidinggevenden.
Sluit de training aan op ons agressieprotocol en de signaleringsplannen?
Ja, voor begeleiders sluit de training aan op je agressieprotocol en de signaleringsplannen. Eerst nemen we samen door: je protocol, de meldroute en hoe signaleringsplannen worden gebruikt. Die afspraken komen terug in de oefeningen, zodat begeleiders weten wanneer ze zelf ingrijpen en wanneer ze hulp inschakelen.
Wat is het verschil tussen gevorderd en expert?
In gevorderd ligt de nadruk op wat een begeleider zelf doet in zware en langdurige relaties. Expert is voor begeleiders met een extra rol. Zij vangen collega's op na een incident en werken nieuwe begeleiders in met dezelfde afspraken.
Wat is het verschil met het programma voor leidinggevenden?
Begeleiders oefenen wat ze zelf doen bij de cliënt. Leidinggevenden oefenen wat ze daarachter regelen: afspraken voor alleen werken en uitstapjes, contact buiten werktijd, de meldingen en de opvang van de begeleider.
Past dit programma ook bij ambulante begeleiding?
Ja, dit programma past ook bij ambulante begeleiding. De oefensituaties komen uit je eigen begeleiding. Een begeleider die alleen bij cliënten thuis komt, krijgt andere oefeningen dan een begeleider op een woonlocatie met collega's in de buurt.
Over de vier onderdelen
Waarom een aparte agressietraining voor persoonlijk begeleiders?
Omdat een één-op-één relatie anders werkt. Een grens stellen bij een cliënt die de begeleider al jaren kent, gaat anders dan bij iemand die hij één keer spreekt. Daarom oefenen begeleiders juist met die bekende relatie.
Wordt er geoefend met een incident als er niemand anders in huis is?
Ja, een incident waarbij de begeleider alleen in huis is, wordt apart geoefend. Begeleiders oefenen wat ze doen bij ernstige agressie zonder collega in de buurt, en wat ze daarna regelen aan melden en opvang.
Moet er in de begeleiding eerst een opvangteam zijn voordat begeleiders dit onderdeel volgen?
Nee, begeleiders kunnen dit onderdeel volgen zonder dat er eerst een opvangteam in de begeleiding is. Ook ervaren begeleiders die mentor zijn of nieuwe collega's inwerken, hebben er baat bij. In het adviesgesprek bespreken we welke begeleiders nu al de collega zijn bij wie anderen na een lastige dienst aankloppen.
Wij zijn er niet bij als onze begeleiders aan het werk zijn. Wat valt er dan af te spreken?
Juist omdat je er niet bij bent als begeleiders aan het werk zijn, valt er veel af te spreken. Je legt vast wat er geldt bij een uitstapje, bij een dienst zonder collega en bij contact buiten werktijd. Dan hoeft een begeleider niet ter plekke te bedenken wat mag.
Dit programma voor je begeleiders?
In een adviesgesprek vertel je bij welke cliënten en op welke momenten het misgaat. Vervolgens bepalen we samen welk onderdeel en welke groepsgrootte bij je begeleiders passen, maken we oefensituaties van die cliëntsituaties en plannen we de trainingsdag met de evaluatie erna.